1951-1955

In 1951 hebben enkele initiatiefnemers het plan opgevat om een operettevereniging op te richten in Heiloo. Voorzitter J. Avis, secretaris mevr. v.d. Molen en penningmeester A. de Geus. De eerste repetitie is op vrijdag 5 oktober 1951 in café “De Oude Herberg” in Heiloo. (Nu "Herberg Jan"). De contributie wordt bepaald op 35 cent per week plus een wekelijkse bijdrage in het kledingfonds van 10 cent. Het inschrijfgeld bedraagt één gulden. Mevr. Roos wordt als dirigent aangetrokken. Regisseur wordt de heer Hoed en het “Zaans Orkest” zal de voorstellingen muzikaal begeleiden. De eerste operette is “La Tzigane” van Johann Strauss jr. Opvoeringsdata: 25 oktober, 1 en 2 november 1952. Het aantal donateurs wordt door diverse acties opgevoerd naar zo’n 1200. (Voor de goede orde moet vermeld worden dat met “donateurs” de mensen bedoeld worden die in maandelijkse termijnen de entree bij elkaar spaarden.) Hoewel de vereniging in de eerste jaren grote bloei doormaakt, moeten in het eerste lustrum toch ook de “kinderziektes” overwonnen worden. Met een batig saldo van fl. 4,32 is de financiële situatie verre van rooskleurig. Een geheel nieuw bestuur; Voorzitter de heer A. Roest, secretaris de heer J. Mulder en penningmeester de heer J. Moll, moeten de H.O.V. uit het dal te halen.

1956-1960

Op zaterdag 15 oktober 1956 wordt het eerste lustrum gevierd met een gezellige feestavond in De Rustende Jager. H.O.V. wisselt van dirigent. De plaats van mevrouw Roos wordt ingenomen door de heer Walter Janssens. Na enige tijd moet ook hij bij H.O.V. door omstandigheden afhaken. Onze plaatsgenoot de heer Piet Groot wordt bereid gevonden het dirigeerstokje over te nemen. Door de verwarde omstandigheden komen de uitvoeringen in het gedrang. De Rustende Jager is bezet en ook het orkest (Intermezzo-Amsterdam) is slechts beschikbaar in maart. De Willibrordus Stichting brengt uitkomst. In 1957 wordt met algemene stemmen de contributieverhoging van f 0,10 per week (gehuwde paren f 0,05 per week) aangenomen.Met algemene stemmen wordt de contributieverhoging van f 0,10 per week (gehuwde paren f 0,05 per week) aangenomen. Voorzitter A. Roest mot i.v.m. zijn gezondheid zijn functie neerleggen. De heer J. Mulder is als 2e voorzitter de aangewezen persoon om de voorzittershamer over te nemen. In 1958 zal de operette “Surcouf” (De Kaper) van Robert Planquette worden opgevoerd in november. De repetitietijd blijkt te kort en de voorstellingen worden verschoven naar januari 1959. De heer C. Kempers wordt aangezocht de solisten in te studeren. De meeste leden willen de voorstellingen weer in De Rustende Jager geven. Weer is er een dirigentenwissel. De heer Groot maakt plaats voor de heer Pielage. Bij een stemtest blijkt dat er zich onder de bassen drie tenoren bevinden. Als de vereniging medio december ook nog zonder regisseur komt te zitten, worden de voorstellingen van “Surcouf” geannuleerd. De Heilooër Operette Vereniging maakt nu een van haar moeilijkste tijden door. Het bestuur geeft de moed niet op en knokt verder. D. de Waard wordt benaderd om de regie te gaan voeren van “Viktoria und Ihr Husar” van Paul Abraham. In 1960 versterkt operettegezelschap Odeon uit Alkmaar het herenkoor. Om de vereniging de zo broodnodige middelen te verschaffen wordt er een loterij uitgeschreven. 4000 loten à f 0.25 moeten aan de man worden gebracht. De secretaris A. Mes treedt af en wordt opgevolgd door mej. Greet Hogerheyde.

1961-1965

In 1962 wordt voor het eerst subsidie aangevraagd bij de gemeente Heiloo en gekregen; fl 100,00. De vereniging zakt naar een nieuw dieptepunt i.v.m. te weinig leden. Op 14 september wordt er een buitengewone ledenvergadering belegd met het doel hier verandering in te brengen. In verband met drukke werkzaamheden stellen voorzitter Mulder en penningmeester Bok hun portefeuille ter beschikking. De nieuwe voorzitter is de heer Pauwels en in de vacature van penningmeester voorziet mevrouw Toos Langeveld. De heer Pauwels hanteert de voorzittershamer slechts enkele maanden. Op 11 april is de heer Thijs Groot na enig aandringen bereid de functie van voorzitter te aanvaarden. Op de ledenvergadering van 26 april 1962 wordt de heer Groot officieel in functie gekozen, terwijl de vacature, ontstaan door het aftreden van de heer Bok, wordt ingevuld door de heer Cees Molenaar.In 1962 neemt de heer Rinus van Mourik de werkzaamheden over van mevrouw Greet van Halm, die tijdelijk is verhinderd het secretariaat te beheren. De ledenlijst telt op dit moment slechts 27 personen. De voorzitter stelt vast dat het niet mogelijk is om met zo weinig leden de wekelijks te maken kosten zoals zaalhuur, dirigent etc. te bekostigen. De dirigent doet het symphatieke voorstel om zijn honorarium te halveren. De contributie wordt verhoogd naar f 0,55 per week. Door het repetitielokaal aan de Kerkelaan te verruilen voor De Rustende Jager hoopt men wat meer leden te trekken. In 1963 wordt Gerard Boer uit Landsmeer de opvolger van de dirigent Jo van Loo. Verheugend is ook de toetreding van enkele nieuwe leden en twee maanden later noteert de secretaris in totaal 40 leden! Regisseur D. de Waard geeft te kennen geen tijd te hebben om de volgende operette te regisseren. Met Kees van den Bosch, tot op heden souffleur bij H.O.V., hoopt het bestuur een waardige vervanger te hebben gevonden. M.i.v 1964 zit het Haarlems Operette Orkest in "de bak" en is Klaas Rep uit Oostzaan de nieuwe regisseur. In 1965 stelt de penningmeester vast dat er na de uitvoeringen van “Paganini” een nadelig saldo rest van fl. 1.109,65. Een verloting moet het tekort aanzuiveren. In het bestuur worden de plaatsen van de heer Cees Molenaar en de heer Siem Hartog overgenomen door de heer Frits Hogerheyde en mevrouw Wil Visser. De contributie wordt verhoogd naar f 1,00 per week. Tussentijds wordt een bestuursvacature opgevuld door de heer Rien Mans.

1966-1970

Op de ledenvergadering van 13 april 1967 blijkt de vereniging weer over een positief saldo te beschikken: fl. 750,00 Van het Anjerfonds staat ons een subsidie te wachten van fl. 300,00 In 1969 vindt voorzitter Thijs Groot de tijd gekomen om zijn functie over te dragen aan de heer Rien Mans. Ook mej. Riet de Graaf wordt officieel als bestuurslid gekozen. Zij zal tijdelijk deze functie vervullen in plaats van de heer Frits Hogerheyde, die voor enige tijd afwezig is i.v.m. het vervullen van de militaire dienstplicht. De wekelijkse verloting tijdens de repetitie wordt afgeschaft. Hiervoor in de plaats wordt de contributie verhoogd van fl. 1,00 naar fl. 1,25 per week. De heer en mevrouw Groot worden met algemene goedkeuring voorgedragen voor het erelidmaatschap van de H.O.V. In 1970 wordt de bestuurszetel van de heer Jan Bakker overgenomen door mevrouw Ans Borjeson. De heer Klaas Kaan is bereid gevonden als repetitor voor de solisten op te treden. Er wordt, evenals in de voorgaande jaren, weer toestemming van de gemeente Heiloo verkregen om de “trouwloper” van het gemeentehuis te gebruiken. De heer Ploeger zal hier weer een fraaie "orkestbak" van weten te maken.

1971-1975

Na de voorstellingen van "Gasparone" in1972 worden de repetities hervat onder leiding van de nieuwe dirigent, de heer Hans Mulder uit Bergen. Als regisseur wordt de heer Henk de Kruijf uit Zaandam aangetrokken. Er komt een nieuw verenigingsgebouw in Heiloo, de oude Nicolaas Beetsschool wordt omgebouwd tot “Het Open Huis”. Het verbouwde “Asta theater” wordt het nieuwe onderkomen tijdens de voorstellingen. Dirigent Hans Mulder is niet erg onder de indruk van de inzet en de prestaties van de huidige orkesten. Hij komt met het idee om zelf een orkest te formeren, waarna het “Noordhollands Begeleidings Orkest” wordt geboren. De samenwerking met de dirigent laat te wensen over en er wordt besloten om de verbintenis met de heer Mulder te beëindigen. De regisseur, de heer Henk de Kruijf, zou slechts één jaar de regie voeren, zodat ook voor hem naar een vervanger gezocht moet worden. Oud-voorzitter en erelid, de heer Thijs Groot, zal samen met repetitor Klaas Kaan de repetities leiden tot er een nieuwe dirigent gevonden is. Al vrij snel wordt in beide vacatures voorzien. De heer Cock van der Molen ui Egmond Binnen wordt, ondanks het gebrek aan ervaring met operette, de nieuwe dirigent. De heer Wim Karelse uit Alkmaar zal de volgende operette "Der Vogelhändler" regisseren. Het Astatheater blijkt geheel niet geschikt te zijn voor een operettevoorstelling. Het nieuwe onderkomen wordt wederom de Willibrordus Stichting. Om de verenigingskas te spekken wordt er oud papier verzameld. De eerste inzameling levert 4979 kilo op, waarvoor een bedrag vanfl. 414,29 wordt ontvangen. Het kersverse Noordhollands Begeleidings Orkest stopt ook met de heer Hans Mulder als dirigent en zij gaan in het vervolg als “Begeleidingsorkest van Noord-Holland” optreden. Na afloop van de voorstellingen van “Die Lustige Witwe” is iedereen het er over eens dat de heer Cock van der Molen niet de dirigent is die H.O.V. zoekt. Er worden contacten gelegd met de heer Paul Boelen uit Amsterdam en niet zonder succes. Op 31 oktober 1974 wordt de Heilooër Operette Vereniging Koninklijk goedgekeurd. In 1975 wacht H.O.V. voor de zoveelste keer de nodige tegenslag. Van de directie van de Willibrordus Stichting wordt de mededeling ontvangen dat er geen voorstellingen meer in hun toneelzaal gegeven mogen worden. Dirigent Paul Boeken laat weten zijn verplichtingen bij de Nederlandse Opera niet te kunnen combineren met zijn werkzaamheden bij H.O.V. De heer Tjebbe van der Pal uit Wijde Wormer wordt zijn opvolger. Na veel inspanning van het bestuur wordt tevens bereikt dat de voorstellingen toch in de toneelzaal van het Psychiatrisch Centrum gehouden kunnen worden, waardoor het 25-jarig jubileum toch nog op waardige wijze gestalte krijgt.

1976-1980

Na de succesvol verlopen voorstellingen van "Im Weissen Rössl" in 1976 geeft Wim Karelse te kennen te moeten stoppen met regisseren. Tjebbe van der Pal kan wel blijven dirigeren, maar voor de wekelijkse repetities moet hij i.v.m. tijdgebrek verstek laten gaan. Het bestuur benadert Henk de Kruijf, die toezegt samen met zijn zoon Arie de Kruijf de regie te zullen voeren. Voor de wekelijkse repetities wordt de heer Wim Noteboom uit Egmond aan de Hoef bereid gevonden. Voorzitter Rien Mans ziet zich genoodzaakt om zijn functie neer te leggen. Frits Hogerheyde zal tijdelijk als voorzitter optreden. Het secretariaat zal waargenomen worden door Anne Molenaar. In 1977 stopt de heer Tjebbe van der Pal met dirigeren bij H.O.V. Wederom wordt contact gezocht met Paul Boeken, die nu weer wat meer tijd heeft en toezegt de volgende operette te zullen dirigeren.De heer Tinus Kaal uit Alkmaar wordt de nieuwe regisseur. Het orkest Intermezzo uit Amsterdam is op de door H.O.V. gewenste data verhinderd. Besloten wordt om voor deze gelegenheid zelf een orkest te formeren. (Het Noordhollands Operette Ensemble) Het blijkt geen haalbare kaart om dit ensemble ook het volgend jaar in de bak te krijgen. Het inschakelen van een beroepsorkest brengt uitkomst. In verband met de uitzonderlijke barre weersomstandigheden (plaatselijk meters hoge sneeuw) is het doorgaan van de tweede voorstelling dubieus. Op het laatste moment zijn de wegen toch weer begaanbaar en kan de voorstelling doorgaan. Zoals gebruikelijk zijn er op bestuurlijk niveau weer enkele mutaties. Siem Blokker en Anne Molenaar zijn aftredend terwijl Marry van Dijk en Riet Haaker zich beschikbaar stellen. In verband met het overlijden van Tinus Kaal moet het bestuur op zoek naar een nieuwe regisseur, die wordt gevonden in de persoon van Gerard Schuiling uit Anna Paulowna. Op 13 september 1979 heeft de repetitie een feestelijk tintje. Greet van Halm is 25 jaar lid. Jan de Groot heeft een grimecursus gevolgd en zal de volgende operette met behulp van enkele leden grimeren. Tevens zal hij, door tussentijds aftreden van Piet Leusink, zitting nemen in het bestuur. Op 1 oktober 1979 verschijnt de eerste editie van het clubblad “PARLANDO” onder redactie van Marry van Dijk, Anne Molenaar en Jo Kramer.

1981-1985

Greet van Halm heeft in 1981 haar debuut als regisseur met "Les Saltimbanques" Als het doek voor de laatste maal is gevallen wordt een periode afgesloten waarin het Psychiatrisch Centrum “St. Willibrord” als accommodatie diende voor de voorstellingen. Het volgende jaar zal Heiloo over een geheel nieuw theater kunnen beschikken “De Beun”. Na vele jaren als repetitor aan H.O.V. verbonden zal Wim Noteboom repetitor tevens de directie op zich nemen met "Die Csárdásfürstin". Hoewel De Beun een mooie accommodatie is om onze voorstellingen in te houden, kent het theater toch enkele nadelen. De kleedkamers zijn veel te klein voor ons gezelschap een ook het publiek moet zich maar zien te redden in een te kleine foyer. Ook de reservering geeft de nodige problemen, waardoor we volgend jaar een voorstelling op maandag zullen moeten geven! In 1984 is het nieuwtje van theater De Beun er kennelijk nog niet af bij het publiek. Hoewel er van meet af aan voor uitverkochte zalen wordt gespeeld, is men verbaasd en verheugd tegelijk, dat ook maandag 5 maart geheel is uitverkocht! Op zondag 6 januari 1985 wordt in samenwerking met harmonieorkest “Caecilia” uit Heiloo een nieuwjaarsconcert gegeven in theater De Beun.

1986-1990

H.O.V. kent de laatste jaren een vrij stabiele artistieke leiding in de vorm van het duo Wim Noteboom en Greet van Halm. Dit maakt het mogelijk om met betrekking tot het repertoire het avontuur te zoeken. Het geweldige succes, dat in 1983 met “La Mascotte” werd geoogst, is aanleiding om een ander werk van Audran “La Poupée” in studie te nemen. Het stuk zal een Nederlandse première worden en moet nog helemaal vertaald worden. Op 23 oktober wordt Toos Langeveld gehuldigd vanwege haar 25-jarig lidmaatschap van de vereniging. Met de klanken van “Dunkelrote Rosen” ontvangt zij uit handen van de voorzitter een boekenbon en natuurlijk de 25 donkerrode rozen. Erelid en oudvoorzitter de heer Thijs Groot overhandigt haar namens de BOOG een oorkonde. Op 5 mei 1988 heeft H.O.V. wederom een jubilaris in haar midden. Dit keer is het Frits Hogerheyde die 25 jaar lid is van de vereniging. Naast een boeket bloemen ontvangt hij een boek over opera en een oorkonde van de BOOG. Ter assistentie van Wim Noteboom is Anke Buzing bereid een deel van de instudering voor haar rekening te nemen. Op 1 oktober 1989 is Renate Hiemstra 25 jaar verbonden aan H.O.V. Nadat zij is toegezongen ontvangt zij een fraai boeket en een kadobon. Van de BOOG ontvangt zij een oorkonde. In 1990 wordt onder leiding van dirigent Wim Noteboom en regisseur Greet van Halm het repertoire aangeboord van het Engelse duo Gilbert & Sulllivan met The Gondoliers. Omdat de voorstellingen de laatste jaren regelmatig uitverkocht zijn, wordt besloten een extra voorstelling te geven, op een zondagmiddag. Op 8 november 1990 is Alie Nootebos 25 jaar lid van H.O.V. Zoals gebruikelijk ontvangt zij een boeket van 25 rozen en een kadobon. Ook de oorkonde van de BOOG ontbreekt niet. Ter gelegenheid van het naderende 40-jarig jubileum van de Heilooër Operette Vereniging wordt besloten om ook in theater “De Nieuwe Slof” te Beverwijk een voorstelling te geven van de jubileumproductie van “Orpheus in de Onderwereld”.

1991-1995

In het jubileumjaar telt de bloeiende vereniging 66 leden. De festiviteiten bestaan uit een cruse op het Alkmaardermeer en natuurlijk de jubileumproductie van Orpheus in de onderwereld van Jacques Offenbach. Inmiddels is Evelien Karten als 2e repetitor aangeschoven. In 1992 kan Greet van Halm wegens ziekte "Der Vogelhändler" niet regisseren en is Ben Eppinga bereid dit van haar over te nemen. Het succes in "De Nieuwe Slof" is voor herhaling vatbaar dus ook deze operette wordt aldaar opgevoerd. 1993 Kent H.O.V. een tweetal jubilarissen. Marry van Dijk en Riet Hogerheyde zijn beide 25 jaar lid. Naast de bloemenhulde worden zij dit keer toegezongen met en lied uit "The Pirates of Penzance" van Gilbert & Sullivan, de operette die in dit jaar op het programma staat. Drie keer in Heiloo en één keer in Beverwijk.